Struisvogels en zorgplicht 2.0

‘Als ik met pensioen ga dan hoop ik maar dat ik genoeg heb. Ik heb geen idee, maar mijn boekhouder zegt dat het wel goed zit’. Jan Heemskerk, de discussieleider van “Hoe werkt je brein op financieel terrein?”, verwoordt in het welkomstwoord zijn struisvogelgedrag. En gaat samen met 4 sprekers en 80 Young Financials op zoek naar antwoorden. 

‘Zorgplicht 2.0’
Maarten Edixhoven, directeur Pensioen bij Aegon, noemt het een fundamenteel besef: de financiële sector er is voor de consument, niet andersom. De primaire verantwoordelijkheid van de sector is om mensen zelf in staat te stellen financiële keuzes te maken. We moeten ze de middelen bieden om inzicht te krijgen en goede producten af te sluiten. Daarom hebben we een zorgplicht 2.0 nodig. Eentje met minder regels, maar met méér verantwoordelijkheid voor de sector en voorlichting voor de consument.

‘Minder producten’
Paul Hopman, partner bij DLA Piper, kan zich hierin deels vinden. Al die regelgeving versterkt de desinteresse bij de consument en zorgt voor een vals gevoel van veiligheid. Door al die regels denken klanten dat ze een volstrekt veilige keuze hebben gemaakt. Gaat er iets mis, dan worden er weer artikelen aan de Wet toegevoegd om dit te voorkomen. Dit gaat het probleem niet oplossen. We hebben behoefte aan minder producten en hebben de plicht om klanten correct en begrijpelijk informeren. De verantwoordelijkheid voor een keuze ligt uiteindelijk bij de consument zelf en niet bij de sector.

‘1 op de 5 jongeren heeft schulden’
Gijs Wintzen, directeur bij stichting LEF (Leven En Financiën), is hard bezig om het financiële bewustzijn bij consumenten te vergroten. LEF werft vrijwilligers uit de financiële sector om les te geven aan MBO-scholieren. Het is zorgelijk dat 1 op de 5 jongeren schulden heeft en hun aandeel in de schuldhulpverlening de laatste jaren is verdubbeld naar 15%. De grote les uit de praktijk is dat er een ‘mismatch’ zit tussen wat mensen denken dat ze uitgeven én wat ze daadwerkelijk uitgeven. Alles begint met inzicht, daarna volgt overzicht en dan kun je kijken naar de toekomst. 

‘Duwtje in goede richting’
Inzicht in je uitgavenpatroon is natuurlijk goed, maar voor complexere producten is het helemaal niet nodig (of vanwege alle variabelen: mogelijk) om de consument alles te laten begrijpen. Rogier Potter van Loon, assistent professor aan de Erasmus universiteit, zegt dat een duwtje in de goede richting meestal voldoende is. Geef consumenten alle keuzevrijheid, maar zorg dat de standaardoptie degene is die je de beste vindt. Sluit daarnaast aan bij de belevingswereld en voorkeuren van de klant. Uit onderzoek blijkt dat de mens met een lange termijn horizon veel beter rationele besluiten kan nemen. Toon bijvoorbeeld niet alleen jaarrendementen maar ook het rendement van de gehele looptijd van een product. En begin automatisch met extra sparen bij de volgende loonsverhoging! Zo help je klanten op een manier die bij hen past.